zaterdag 22 oktober 2011

Bezoek aan bureau de Heemstraat 30 september 2011

Lieve allemaal,

Ja en zo gingen de meisjes Weidenaar met tram en auto richting de haagse schilderswijk en eerlijk is eerlijk een wijk waar ik liever niet kom. En toch na het parkeren van de auto vlakbij de Hoefkade een wijk die ik toch wilde zien. Want in deze wijk was mijn vader 38 uur per week te vinden en hoewel ik er vaker was geweest was deze keer toch anders als eerdere keren. Ja het klinkt gek alsof ik in deze wijk een stukje van mijn vader zou vinden…..
Ik keek er als een berg tegenop, tegen dit bezoek en dit gevoel hadden ook mijn moeder en zussen. Bijna misselijk liep ik het bureau in. De tranen zaten me toen al heel hoog en dat is iets wat ik niet wilde voelen. Ik doe er de laatste weken alles aan om dat gevoel maar niet te voelen. Het gevoel van intens gemis. We werden opgevangen door mijn vaders chef en hij liep met ons de route die mijn vader altijd liep en het klopte want die route had ik al is eerder met hem zelf gelopen. Soms gingen we bij hem langs als we op de haagse markt waren geweest en dan dronken we wat in de kantine. En zo ook tijdens dit bezoek. Vervolgens liepen we naar een vergaderzaal en daar zaten nog meer collega’s van mijn vader. En na een kort welkomswoord kreeg mijn moeder mijn vaders oude politiepet en zijn politielegitimatie die in glas geslagen was overhandigd. Na het zien van die pet maar ook door het zien van de collega’s die ik eerder had gezien tijdens de ziekte van mijn vader maar ook de collega’s die ik zelf nog niet eerder had gezien maar wel voor dit moment tijd hadden gemaakt kwam het verdriet met best wel wat geweld binnen. Het vechten tegen m’n tranen was begonnen maar dat kon ik het even niet van winnen. Op dat moment wilde ik het liefst heel hard wegrennen. Gewoon, omdat ik het weer niet wilde voelen……..
Op een gegeven moment ging het weer en was het fijn om rond te lopen door het bureau en zijn werkplek te zien.  Ook het luisteren naar zijn collega’s wat hij nou precies deed en wat voor man het nou eigenlijk was op zijn werk. Aan de foto’s van mijn vader te zien die aan de kast hingen zag ik dat niet alleen wij verdriet hebben maar dat hij ook zeer wordt gemist door zijn collega’s. En dat was voor mij dan ook weer een reden om weer te vechten tegen die tranen.

Ja wat kan ik zeggen…..ik vond het zo fijn om even bij hun te zijn. Waarom? Omdat dat de andere wereld was waar mijn vader en zij brachten hem door verhalen weer even tot leven. Het gevoel dat gegeven werd dat ze altijd klaar zouden staan voor mijn moeder is fijn. Mijn vaders collega’s hebben ons als gezin echt bijgestaan en dat kan denk ik ook alleen maar in dit soort beroepen waarin je als collega’s bijna familie van elkaar wordt juist door het vak. En zoals mijn zus en ik het er later over hadden, het waren al die jaren een stel extra papa’s. De oude collega’s van Leidschendam hielden toch ook altijd een extra oogje in het zeil als de meiden Weidenaar weer ergens te vinden waren in het uitgaansleven. De gezichten voelen vertrouwd want die club van toen was als een familie. En als ik nu een gezicht zie dan doet dat me denken aan een tijd met mijn vader en dat brengt hem weer een stukje bij me terug. Zo ook de collega’s van de Heemstraat. Eigenlijk had ik ze allemaal even een dikke knuffel willen geven, gewoon omdat ze een onderdeel uitmaakte van mijn vaders leven en met hem hadden geleeft in het vak dat politie heet. Die knuffel durfde ik dan weer niet maar voor mij is het een blijk van waardering.

Na het afscheid reden we napratend naar huis. Ik voelde me leeg. Voor mijn moeder kwam de klap de volgende dag. Ja dat noemen ze denk ik verwerken. En het kost tijd want tussen die tranen door gaat het leven gewoon verder en ook wij draaien weer volledig mee in die draaiende wereld. Ik denk dat we te snel willen en zo ervaar ik dat zeker. Ik wil er niet aan denken en zo rouw ik ook niet. Op het moment dat ik weer even zijn wereldje inging werd ik eigenlijk verplicht om te rouwen dus over hem na te denken en te voelen hoe erg ik hem mis. Het idee dat ik hem in dit leven nooit mee zie grijpt me soms zo heftig bij mijn keel en dat overweldigd me dan zo en dan weer even totaal uit het veld geslagen ben. Het duurt dan altijd weer even om mezelf  bij elkaar te pakken. Ik heb nog niet echt een manier gevonden om daar mee om te gaan en mee te blijven draaien in die draaiende wereld. Je staat jezelf als het ware niet toe om te rouwen en het is makkelijker om het gevoel te ontwijken. Het is verwarrend. Ik kan moeilijk naar zijn muziek luisteren. Het nummer van Toto – can’t  stop loving you raakt me dan het meest. En van al die nummers die ik had kunnen kiezen weet ik nog niet helemaal waarom ik uiteindelijk voor Toto koos. De titel can’t stop loving you zei voor mij alles, ook al zal ik nooit hoeven stoppen om van hem te houden, voelde het wel zo toen ik afscheid van hem moest nemen. Met dat kleine stukje tekst wilde ik zeggen dat ik er nog niet klaar voor was en het er niet mee eens was. Door misschien even te knallen op het einde van zijn dienst dmv van dit nummer schopte ik er even tegenaan en zei ik eigenlijk ‘ik kan het niet’ jou loslaten. En als ik het nummer nu hoor dat is het eerste beeld wat ik zie is die van zijn kist daar in die zaal. Die kist, dat definitieve beeld. Dat beeld dat in mijn geheugen gegrift staat en dat staat voor een intens heftig half jaar, want ja naar dat beeld, daar gingen we uiteindelijk naartoe. Ik heb het een half jaar geweten dat we daar uiteindelijk heen gingen en toch weet je echt pas wat je mist als iemand er niet meer is en het voelt echt als een gat in mijn hart. Het maakt het verwarrend dat je niet weet hoe je dit in je leven gaat inpassen. Het besef dat je hem niet meer kan zien, of even opbellen voor een simpele vraag of om even te vragen hoe het gaat. Dat hij geen deel meer uit maakt van jaren die ik leef in mijn leven. Het hoofdstuk papa heb ik op mijn 29ste af moeten sluiten. Ik heb geen vader meer……
Ja en toch moet ik net als ieder ander mens die zijn vader, moeder, broer, zus of zelfs kind verliest gewoon verder. We maken het allemaal mee. Niemand wordt hierin overgeslagen. Iedereen ervaart verlies. En ik denk dat ik moet leren dat daar een tijd van rouw voor staat. Dat ik mezelf de ruimte geef om het laatste half jaar van mijn vaders leven in alle rust opnieuw aan me voorbij laat trekken en te kijken wat het allemaal met me heeft gedaan. Want op het moment dat je in het proces zit sla je het op voor later. En nu is dat later en beleef je het soms ineens opnieuw alleen nu met je volledige gevoel. Ik denk dat je het pas een plek geeft als je er doorheen gaat. Dat vergt soms wel een beetje moed vind ik want het is makkelijker om het opzij te schuiven en er niet aan te denken of te willen voelen. Mijn moeder is zo’n moedig mens. Mijn moeder is een mens dat gaat zitten voor haar verdriet. Ik kies ervoor op het moment dat ik weer ga schrijven. Ik ben nu alweer een tijdje onderweg en een wc rol verder. Met andere woorden de tranen zijn er weer flink geweest en ook de liedjes van Lange Frans, John Denver en Toto heb voorbij laten gaan.

Liefs

Ellen


Geen opmerkingen:

Een reactie posten